Ik geloof toch al in God?
Algemeen geloven dat God bestaat is niet hetzelfde als reddend geloof. De Bijbel roept niet slechts tot geloof in God in algemene zin, maar tot persoonlijk vertrouwen op Jezus Christus en Zijn volbrachte werk.
“Maar ik geloof toch al in God?”
Diepere uitleg + uitgebreid Bijbelbewijs
Dat klinkt goed, maar de Bijbel is hier uiterst precies: alleen geloven dát God bestaat, is niet reddend geloof.
Daarom is het belangrijk om helder te zien wat ware geloof volgens de Bijbel is.
De Schrift maakt een scherp onderscheid tussen geloven dat God er is en vertrouwen op Jezus Christus tot zaligheid.
Daarom is de vraag hoe kom ik in de hemel niet hetzelfde als: geloof ik dat God bestaat? De beslissende vraag is: vertrouw ik op Jezus Christus als mijn Redder?
Dat onderscheid is ook belangrijk voor bekering goed begrepen: de Bijbel roept niet tot algemene religiositeit, maar tot geloof in Christus als Redder.
Jakobus zegt:
“Gij gelooft dat God een enig God is; gij doet wel; de duivelen geloven het ook, en zij sidderen.”
— Jakobus 2:19
Dit vers is verpletterend eerlijk.
De duivelen erkennen dat God één is. Zij weten ook Wie Jezus is en vrezen Zijn oordeel. Jakobus gebruikt hun erkenning om te laten zien dat de uitspraak “ik geloof dat God één is” op zichzelf niet hetzelfde is als het geloof waarover de reddingsboodschap spreekt.
Reddend geloof is niet slechts erkennen dat God bestaat of dat Jezus geleefd heeft. Het is Gods getuigenis over Zijn Zoon voor waar aannemen: Jezus Christus stierf voor uw zonden, werd begraven, stond op uit de doden en geeft eeuwig leven aan ieder die in Hem gelooft.
Als u dat getuigenis gelooft, rust u voor uw redding op Hem. Vertrouwen is hier geen tweede prestatie naast geloven. Het zegt waarop uw verwachting van redding rust: op Christus en Zijn volbrachte werk.
Een mens kan veel juiste feiten over Jezus kennen en ondertussen verwachten dat zijn kerk, werken of levensverbetering hem bij God aanvaardbaar maken. Dan ligt zijn verwachting van redding nog bij iets anders dan Christus’ volbrachte werk.
Wie daarentegen Christus gelooft wanneer Hij eeuwig leven belooft, hoeft niet daarnaast een geheimzinnige vorm van vertrouwen in zichzelf te ontdekken. Christus is de betrouwbare Redder. Het geloof ontvangt wat Hij schenkt.
Dat sluit geloof in de Vader niet uit. In Johannes 5:24 spreekt Jezus over het horen van Zijn woord en het geloven van Hem Die Hem gezonden heeft. Geloof in Gods getuigenis over Zijn Zoon en geloof in de Zoon mogen niet tegen elkaar worden uitgespeeld.
Het object van reddend geloof is
niet God in het algemeen,
maar
Jezus Christus, en specifiek
Zijn volbrachte werk.
Dit raakt direct aan de kern: Is redding alleen door geloof in Jezus Christus?
Paulus vat het Evangelie samen:
“Christus is gestorven voor onze zonden… en is begraven, en is opgewekt ten derden dage.”
— 1 Korinthe 15:3–4
Reddend geloof is vertrouwen dat dit voor u persoonlijk genoeg is.
Wie dit eenvoudig vanaf het begin wil lezen, kan hier verder: Hoe word ik gered?
Jakobus leert hiermee géén werken-evangelie. Integendeel.
Hij laat zien dat er een vorm van geloof bestaat die niets oplevert.
Het probleem is niet dat u naast geloof nog voldoende werken moet verzamelen. De vraag is wat u gelooft en waarop u voor uw redding rust.
Paulus schrijft:
“Doch dengene, die niet werkt, maar gelooft in Hem, Die den goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot rechtvaardigheid.”
— Romeinen 4:5
Geloof is geen verdienstelijk werk waarmee u God betaalt. Het ontvangt Zijn gave. Een gelovige behoort daarna wel goede werken te doen; dat is het leven vanuit de ontvangen redding.
Zie ook: Maar je moet toch wel iets doen?
Dat maakt deze vraag zo scherp en persoonlijk:
De vraag is niet:
“Gelooft u in God?”
De vraag is:
“Vertrouwt u op Jezus Christus alleen — Zijn dood, begrafenis en opstanding — als uw enige hoop?”
Alleen erkennen dat God bestaat, is niet hetzelfde als Christus geloven als uw Redder.
Alleen wie in de Zoon gelooft,
heeft het eeuwige leven.