God kent de toekomst, dus is niet alles al vastgelegd?
“Als God de toekomst al kent, is het dan niet allemaal al vastgelegd?”
Diepere uitleg + uitgebreid Bijbelbewijs
God weet alles — dat is onmiskenbaar Bijbels. Maar Zijn kennis maakt de mens niet willoos. Gods alwetendheid en de wil van de mens zijn twee totaal verschillende zaken. Dat God weet wat u zult kiezen, betekent niet dat Hij uw keuze veroorzaakt. Hij weet wát u zult doen, maar ú doet het.
De Schrift is daar helder over:
“Groot is onze Heere, en groot van kracht; Zijns verstands is geen getal.”
— Psalm 147:5
“Alle dingen zijn naakt en geopend voor de ogen Desgenen, met Welken wij te doen hebben.”
— Hebreeën 4:13
God weet alles: verleden, heden en toekomst. Maar nergens leert de Bijbel dat Gods weten de oorzaak is van menselijke daden. Weten is niet hetzelfde als bepalen.
Als Gods kennis onze keuzes zou veroorzaken, dan zouden Gods oproepen zinloos zijn. Toch roept Hij iedereen, zonder uitzondering:
“God dan verkondigt nu alle mensen alom, dat zij zich bekeren.”
— Handelingen 17:30
Een bevel veronderstelt mogelijkheid. God gebiedt geen dingen die onmogelijk zijn. Hij roept, omdat de mens werkelijk kan antwoorden.
De Bijbel legt de verantwoordelijkheid ook altijd bij de wil van de mens, nooit bij een verborgen besluit van God. Jezus zegt niet: “Gij kunt niet tot Mij komen”, maar:
“En gij wilt tot Mij niet komen, opdat gij het leven moogt hebben.”
— Johannes 5:40
Dat ene woord — wilt — is beslissend. Het probleem is geen onbekwaamheid, maar onwil.
Nog aangrijpender zegt Jezus over Jeruzalem:
“O Jeruzalem, Jeruzalem… hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen, gelijkerwijs een hen haar kiekens bijeenvergadert onder de vleugelen; en gij hebt niet gewild.”
— Mattheüs 23:37
Hier zie je het hart van God én de verantwoordelijkheid van de mens naast elkaar staan:
God wilde. De mens wilde niet.
Niet omdat God het verhinderde, maar omdat de mens weigerde.
Een glashelder voorbeeld helpt dit onderscheid definitief vast te zetten. Stel dat u een sportwedstrijd opneemt en later terugkijkt. U weet exact wat er gaat gebeuren. Maar veroorzaakte uw kennis de acties van de spelers? Nee. Zij speelden vrij. U weet het, omdat het gebeurd is — niet omdat u het liet gebeuren.
Zo staat God niet gevangen in de tijd zoals wij. Hij overziet het geheel. Maar Zijn zien veroorzaakt niets. God weet wat u zult kiezen, omdat u het zult kiezen — niet andersom.
Als Gods kennis onze keuzes zou afdwingen, dan zou God ook de auteur van de zonde zijn. Maar de Schrift sluit dat uitdrukkelijk uit:
“God kan niet verzocht worden met het kwade, en Hij Zelf verzoekt niemand.”
— Jakobus 1:13
De Bijbel maakt bovendien duidelijk onderscheid tussen wat God weet en wat God wil. God weet dat velen verloren gaan, maar Hij wil het niet.
“Welke wil, dat alle mensen zalig worden, en tot kennis der waarheid komen.”
— 1 Timotheüs 2:4
“Hij wil niet, dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen.”
— 2 Petrus 3:9
Als Gods weten automatisch Zijn willen zou afdwingen, dan zou iedereen zalig worden. Dat gebeurt niet, omdat God de menselijke wil niet uitschakelt. Hij respecteert de keuze die Hij Zelf gegeven heeft.
Daarom stelt de Bijbel de keuze steeds weer nadrukkelijk bij de mens:
“Kiest dan heden, wie gij dienen zult.”
— Jozua 24:15
“En die wil, neme het water des levens om niet.”
— Openbaring 22:17
“Heden, indien gij Zijn stem hoort, zo verhardt uw harten niet.”
— Hebreeën 3:7
Dit zijn geen symbolische woorden. Dit zijn echte oproepen aan echte mensen met een echte wil. De mens is geen robot.
Als alles werkelijk vastlag en de mens geen echte keuze had, dan zou Gods oordeel onrechtvaardig zijn. Maar de Schrift zegt juist:
“Die in Hem niet gelooft, is alrede veroordeeld, dewijl hij niet heeft geloofd…”
— Johannes 3:18
Niet omdat hij niet kon geloven.
Niet omdat hij niet uitverkoren was.
Maar omdat hij niet geloofde.
En God zegt:
“Zal de Rechter der ganse aarde geen recht doen?”
— Genesis 18:25
Gods oordeel is rechtvaardig, juist omdat de mens verantwoordelijk is voor zijn keuze.
De conclusie van de Schrift is daarom onontkoombaar:
God weet alles — dat is Zijn eigenschap.
Gods weten veroorzaakt niets.
Voorkennis is geen voorbeschikking.
De mens heeft een echte wil.
De mens kiest of hij gelooft of niet.
Mensen gaan verloren door onwil, niet door onbekwaamheid.
Niemand zal God kunnen aanklagen op de dag van het oordeel.
God wist wat u zou doen.
Maar ú deed het.